ECLI:NL:HR:2007:AZ7628
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- P.C. Kop
- A. Hammerstein
- J.C. van Oven
- F.B. Bakels
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en verwijzing inzake terugvordering te veel betaalde partneralimentatie na echtscheiding
De zaak betreft een geschil tussen voormalige echtelieden over de terugvordering van door de man te veel betaalde partneralimentatie over de periode 1997 tot en met oktober 2004. Na echtscheiding was overeengekomen dat de man alimentatie zou betalen, afhankelijk van het al dan niet verlaten van de echtelijke woning door de vrouw. De vrouw had inkomsten die invloed hadden op de hoogte van de alimentatie.
De man vorderde terugbetaling van € 16.990,-- te veel betaalde alimentatie. De rechtbank wees dit verzoek toe en het hof bekrachtigde deze beslissing. De vrouw stelde cassatie in tegen het oordeel van het hof, met name tegen de afwijzing van haar verzoek om terugbetaling in termijnen en het oordeel dat zij onvoldoende financiële gegevens had verstrekt.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof onvoldoende had gemotiveerd waarom de financiële gegevens van de vrouw onvoldoende waren om te beoordelen of zij het bedrag ineens kon terugbetalen. Ook was het oordeel dat zij niet had aangetoond dat zij het bedrag niet kon financieren ontoereikend. Daarom werd het arrest van het hof vernietigd en de zaak verwezen naar het hof te Amsterdam voor verdere behandeling en beslissing.
De Hoge Raad bevestigde dat de vrouw niet langer de echtelijke woning bewoont en dat de alimentatie na indexering € 1.908,-- per maand bedroeg. Het hof had geoordeeld dat de vrouw zelf verantwoordelijk was voor de terugbetaling omdat zij de man niet deugdelijk had geïnformeerd over haar inkomsten, maar dit oordeel werd niet vernietigd. De zaak wordt nu opnieuw beoordeeld met inachtneming van de financiële situatie van de vrouw en de mogelijkheid van betaling in termijnen.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak voor verdere behandeling naar het hof te Amsterdam.