ECLI:NL:HR:2007:AZ6660
Hoge Raad
- Cassatie
- G.J.M. Corstens
- W.A.M. van Schendel
- W.M.E. Thomassen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vonnis wegens onvoldoende bewijs vernieling ruit politiebureau
De verdachte werd door het Hof Leeuwarden veroordeeld voor meerdere feiten, waaronder het opzettelijk en wederrechtelijk vernielen van een deurklink en een ruit van een ophoudkamer in het politiebureau te Roden. De Hoge Raad stelde vast dat de bewezenverklaring met betrekking tot de vernieling van de ruit niet werd ondersteund door enig bewijsmiddel.
De zaak betrof een incident op 22 januari 2003 waarbij de verdachte werd aangehouden en later in het politiebureau werd geplaatst. Tijdens het verblijf in de ophoudkamer brak de deurklink af nadat de verdachte aan de deur trok. De verklaring van de verdachte en het proces-verbaal van de politie vormden het bewijs.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof onvoldoende gemotiveerd had dat ook de ruit vernield was, omdat daarvoor geen bewijs was geleverd. Daarom werd het arrest vernietigd en verwezen naar het Gerechtshof Arnhem voor een nieuwe beoordeling van het hoger beroep. De strafoplegging werd eveneens vernietigd.
Uitkomst: Arrest vernietigd wegens onvoldoende bewijs vernieling ruit en zaak verwezen voor hernieuwde behandeling.