ECLI:NL:HR:2007:AZ6096
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- E.J. Numann
- C.A. Streefkerk
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid beroep en berusting bij ontslag van bestuurders stichting wegens wanbeheer
Deze zaak betreft het cassatieberoep van een bestuurder van de Dr. A. Fuldauerstichting die was ontslagen wegens wanbeheer en schending van het uitkeringenverbod. De rechtbank Almelo had de bestuurders geschorst en ontslagen, waarna hoger beroep werd ingesteld bij het gerechtshof Arnhem. Het hof vernietigde het ontslag van de verzoekster en wees het verzoek tot ontslag af. Zowel verzoekster als het openbaar ministerie stelden cassatieberoep in, waarbij het openbaar ministerie incidenteel cassatieberoep instelde.
Het geschil spitste zich toe op de ontvankelijkheid van de cassatieberoepen, waarbij partijen zich beroepen op berusting in de beschikking van het hof van 10 oktober 2005. De Hoge Raad overwoog dat berusting inhoudt dat een partij ondubbelzinnig aangeeft zich neer te leggen bij een uitspraak en afstand doet van het recht om daartegen rechtsmiddelen in te stellen. De Hoge Raad keerde zich tegen eerdere jurisprudentie die berusting ambtshalve liet vaststellen en benadrukte dat berusting slechts kan worden ingeroepen door de wederpartij in beroep.
De Hoge Raad stelde vast dat het openbaar ministerie berustte in de uitspraak van het hof en verklaarde het incidentele cassatieberoep van het openbaar ministerie niet-ontvankelijk. De berusting van verzoekster leidde niet tot niet-ontvankelijkheid van haar principaal cassatieberoep omdat het openbaar ministerie zich niet tijdig op die berusting had beroepen. De klachten van verzoekster konden niet tot cassatie leiden. De Hoge Raad wees het principaal beroep af en veroordeelde partijen in de proceskosten.
Uitkomst: Het principaal cassatieberoep van verzoekster wordt verworpen en het incidentele cassatieberoep van het openbaar ministerie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens berusting.