ECLI:NL:HR:2007:AZ3283
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- J.P. Balkema
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt vrijspraak wegens onterechte nietigverklaring dagvaarding belaging
In deze zaak stond verdachte terecht voor het stelselmatig en wederrechtelijk inbreuk maken op de persoonlijke levenssfeer van het slachtoffer met het oogmerk deze te dwingen contact te hebben of een relatie aan te gaan, hetgeen valt onder belaging ex art. 285b lid 1 Sr.
Het hof verklaarde de dagvaarding voor dit feit nietig wegens een vermeende innerlijke tegenstrijdigheid in de tenlastelegging, omdat de feitelijke omschrijvingen achter de drie gedachtestreepjes volgens het hof geen belaging konden opleveren. Hierdoor sprak het hof verdachte vrij voor dat onderdeel.
De Hoge Raad oordeelt echter dat het hof ten onrechte de dagvaarding nietig heeft verklaard. De periode van ruim vier maanden en de herhaalde gedragingen maken dat de omschrijving niet innerlijk tegenstrijdig is en dat de gedragingen naar hun aard wel belaging kunnen opleveren.
Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest voor zover het de nietigverklaring betreft en wijst de zaak terug naar het hof te 's-Gravenhage voor hernieuwde behandeling van het onder 1 tenlastegelegde. De overige veroordelingen en beslissingen blijven ongewijzigd.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest en wijst de zaak terug voor hernieuwde berechting van het tenlastegelegde belagingsfeit.