ECLI:NL:HR:2007:AY5995
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- P.J. van Amersfoort
- P. Lourens
- A.R. Leemreis
- E.N. Punt
- Rechtspraak.nl
Prejudiciële vragen over tariefindeling van optocouplers in de Gecombineerde Nomenclatuur
In deze zaak heeft de Inspecteur veertien bindende tariefinlichtingen voor optocouplers verstrekt, die hij in 2004 heeft ingetrokken omdat hij van mening was dat alle producten onder een andere tariefpost van de Gecombineerde Nomenclatuur (GN) moesten worden ingedeeld. Belanghebbende betwistte deze intrekking en de Rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarbij zij de indeling onder post 8543 bevestigde.
De optocouplers bestaan uit een lichtgevende diode, een kunststof film, een fotodetector en een geïntegreerde versterkerschakeling, bestemd voor inbouw in diverse elektrische machines en apparaten. De discussie richt zich op de juiste tariefpost: of deze producten moeten worden ingedeeld onder post 8541 (lichtgevoelige halfgeleiderelementen), 8542 (elektronische geïntegreerde schakelingen) of 8543 (elektrische machines, apparaten en toestellen met een eigen functie).
De Hoge Raad constateert dat de uitlegging van de communautaire bepalingen omtrent deze tariefposten onduidelijk is en dat de interpretatie van de GN bepalend is voor de juiste indeling. Daarom verzoekt de Hoge Raad het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen om prejudiciële beantwoording van twee vragen over de classificatie van deze optocouplers.
Het geding wordt geschorst totdat het Hof van Justitie uitspraak heeft gedaan. Dit arrest is gewezen door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad en op 10 augustus 2007 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De Hoge Raad schorst de procedure en verzoekt het Hof van Justitie om prejudiciële uitspraak over de tariefindeling van optocouplers.