ECLI:NL:HR:2006:AZ1489
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- O. de Savornin Lohman
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- E.J. Numann
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid advocaat voor niet tijdig terugsturen toevoeging aan Raad voor Rechtsbijstand
In deze zaak staat de beroepsaansprakelijkheid van een advocaat centraal. De cliënt vorderde een bedrag van bijna €15.000 wegens schade die hij had geleden doordat de advocaat de toevoeging aan de Raad voor de Rechtsbijstand niet tijdig had teruggestuurd. Dit leidde ertoe dat het verzoek tot vergoeding van advocaatkosten op grond van artikel 591a van het Wetboek van Strafvordering werd afgewezen.
De rechtbank Arnhem wees de vordering van de cliënt af, maar het gerechtshof Arnhem vernietigde dit vonnis en wees de vordering alsnog toe. De advocaat stelde hiertegen beroep in cassatie in bij de Hoge Raad. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en verwierp het beroep van de advocaat.
De Hoge Raad veroordeelde de advocaat tevens in de kosten van het geding in cassatie. De uitspraak bevestigt de aansprakelijkheid van de advocaat voor het niet tijdig terugsturen van de toevoeging, waardoor de cliënt schade leed door het mislopen van vergoeding van advocaatkosten.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de aansprakelijkheid van de advocaat voor de door de cliënt geleden schade.