ECLI:NL:HR:2006:AY8967
Hoge Raad
- Cassatie
- G.J.M. Corstens
- J.P. Balkema
- A.J.A. van Dorst
- B.C. de Savornin Lohman
- J.W. Ilsink
- Rechtspraak.nl
Uitleg begrip 'ten verkoop in voorraad hebben' in Gezondheids- en welzijnswet voor dieren
De zaak betreft het beroep in cassatie van verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof Leeuwarden, waarin hij werd veroordeeld voor het ten verkoop in voorraad hebben van Bouvier-pups met gecoupeerde staarten, een verboden ingreep volgens de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren.
De feiten zijn dat verdachte samen met zijn echtgenote een kennel exploiteert waar Bouviers worden gefokt en verkocht. De pups waren al verkocht via koopovereenkomsten voordat de staarten werden gecoupeerd, maar bleven nog enige tijd bij verdachte totdat ze oud genoeg waren om overgedragen te worden. De staarten werden vlak voor de overdracht gecoupeerd. Het hof oordeelde dat het begrip 'ten verkoop in voorraad hebben' ook het houden van dieren na gesloten koopovereenkomst omvat, totdat de overdracht heeft plaatsgevonden.
Verdachte voerde aan dat de pups al verkocht en geleverd waren voordat de staarten werden gecoupeerd, zodat hij zich niet schuldig zou maken aan de tenlastelegging. De Hoge Raad bevestigde echter dat het doel en de strekking van de wet vereisen dat het begrip ruim moet worden uitgelegd om dierenwelzijn te beschermen. Het hof heeft het begrip correct uitgelegd en het cassatieberoep wordt verworpen.
De Hoge Raad handhaaft daarmee de veroordeling van verdachte voor het medeplegen van overtreding van artikel 41, derde lid, van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren en voor wederspannigheid.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling voor het ten verkoop in voorraad hebben van pups met verboden ingreep blijft in stand.