ECLI:NL:HR:2006:AV6956
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- O. de Savornin Lohman
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- W.A.M. van Schendel
- F.B. Bakels
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid Staat voor onrechtmatige vervolging wegens misbruik van voorwetenschap en valsheid in geschrifte
De zaak betreft een geschil tussen de Staat en Stichting Begaclaim over de aansprakelijkheid van de Staat wegens onrechtmatige vervolging van [betrokkene 1] in de HCS- en RDM-zaken, waarbij sprake was van verdenking van misbruik van voorwetenschap en valsheid in geschrifte. De vervolging leidde niet tot veroordeling, maar onschuld van [betrokkene 1] bleek niet uit het strafdossier.
De rechtbank stelde de Staat aansprakelijk voor onrechtmatig handelen in de RDM-zaak, maar het hof vernietigde dit oordeel en wees de vordering af. De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak naar het hof te Amsterdam terug voor verdere behandeling. De Hoge Raad bevestigt het gebleken-onschuld-criterium als maatstaf voor schadevergoeding na niet-veroordelende strafvervolging en wijst af dat een onjuiste wetsuitleg door het openbaar ministerie automatisch leidt tot aansprakelijkheid van de Staat.
De Hoge Raad benadrukt dat een redelijk vermoeden van schuld bij aanvang van de vervolging vereist is en dat het strafproces bedoeld is om juridische opvattingen te toetsen. Ook wordt bevestigd dat schadevergoeding alleen mogelijk is indien uit het strafdossier blijkt dat de verdenking ongegrond was en de vervolging onevenredige schade heeft veroorzaakt. De zaak wordt terugverwezen om te onderzoeken of de vervolging in de RDM-zaak onrechtmatig was en om de aansprakelijkheid jegens Begemann te beoordelen indien dat het geval is.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt arrest hof en verwijst zaak terug voor nadere beoordeling van onrechtmatigheid vervolging in RDM-zaak.