ECLI:NL:HR:2006:AV6130
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- J.P. Balkema
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing aanhoudingsverzoek wegens ontbreken machtiging raadsman en afwezigheid verdachte
In deze zaak heeft de Hoge Raad het beroep in cassatie van verdachte verworpen tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage. Het hof had verdachte in hoger beroep veroordeeld wegens meermalen gepleegde diefstal en het verzoek van de raadsman tot aanhouding van de behandeling afgewezen.
De raadsman had verzocht om aanhouding omdat hij niet in het bezit was gesteld van processtukken, ondanks herhaaldelijke verzoeken. Het hof oordeelde echter dat de dagvaarding aan de raadsman was uitgereikt bij het instellen van het hoger beroep en dat verdachte van zijn aanwezigheidsrecht afstand had gedaan door zonder kennisgeving niet te verschijnen en zijn raadsman niet uitdrukkelijk te machtigen.
De Hoge Raad stelde vast dat het oordeel van het hof niet onjuist of onbegrijpelijk was en dat het ontbreken van processtukken aan het verzoek tot aanhouding niet afdoet. De overige middelen faalden eveneens, waarna het beroep werd verworpen.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt verworpen en de veroordeling van verdachte tot zes weken gevangenisstraf blijft gehandhaafd.