ECLI:NL:HR:2006:AT8954
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- E.N. Punt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en verwijzing inzake bewijs overbrenging accijnsgoederen naar belastingentrepot
Belanghebbende, een sigarenfabrikant en -verkoper, kreeg in 1997 naheffingsaanslagen opgelegd in omzetbelasting en accijns. Het hof vernietigde de aanslag omzetbelasting, maar handhaafde een deel van de accijnsnaheffing omdat het bewijs van regelmatige overbrenging van accijnsgoederen ontbrak. Het geschil betrof met name het ontbreken van het derde blad van geleidedocumenten (terugzendingsexemplaar) voor twee zendingen sigaren naar Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof ten onrechte alleen door de douane gewaarmerkt bewijs als toereikend beschouwde, terwijl de Horizontale richtlijn ruimte biedt voor andere bewijsmiddelen dan het afgetekende geleidedocument. De Hoge Raad vernietigde het arrest en verwees de zaak naar het Gerechtshof Arnhem voor nader onderzoek of belanghebbende met haar bescheiden heeft aangetoond dat de goederen daadwerkelijk zijn overgebracht naar een belastingentrepot of een bedrijf in een andere lidstaat.
De Hoge Raad veroordeelde de Staat tot vergoeding van de griffierechten en proceskosten en benadrukte dat het hof bij de beoordeling van bewijsvoering ook andere middelen dan het geleidedocument moet betrekken, conform de Europese regelgeving.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt gegrond verklaard, het arrest van het hof vernietigd en de zaak verwezen naar het Gerechtshof Arnhem voor nader onderzoek naar de bewijsvoering.