ECLI:NL:HR:2005:AT8300
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- J.P. Balkema
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep in cassatie wegens niet tijdig indienen middelen
De verdachte werd door het gerechtshof veroordeeld voor meerdere verkeersovertredingen, waaronder het rijden zonder verplichte verzekering, waarvoor een geldboete van €250,- werd opgelegd. Tegen dit arrest werd cassatieberoep ingesteld.
De Hoge Raad oordeelde dat tegen het deel van de uitspraak waarin de geldboete van €250,- werd opgelegd geen cassatieberoep openstond, omdat de wet dit uitsluit bij boetes van maximaal €250,- voor overtredingen. Daarnaast heeft de verdachte niet binnen de wettelijke termijn door een raadsman een schriftuur met cassatiemiddelen ingediend, zoals vereist volgens artikel 437, tweede lid, Sv.
Hierdoor werd het beroep niet ontvankelijk verklaard. Het middel dat betrekking had op de motivering van de bewezenverklaring van het boetefeit bleef buiten beschouwing. De Hoge Raad verwierp het beroep voor het overige en verklaarde de verdachte niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard in het cassatieberoep wegens niet tijdig indienen van middelen.