ECLI:NL:HR:2005:AT7546
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- J.P. Balkema
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens kennelijke misslag in verwijzing economische delicten Meststoffenwet
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof te Leeuwarden waarin verdachte werd veroordeeld voor overtreding van artikel 55 van Pro de Meststoffenwet. Het hof had geoordeeld dat gedurende een deel van de pleegperiode het feit niet strafbaar was wegens een kennelijke misslag in de Wet op de economische delicten (WED), maar achtte het feit toch strafbaar op grond van artikel 71 van Pro de Meststoffenwet.
De Advocaat-Generaal stelde dat de lacune in de WED tot ontslag van alle rechtsvervolging moest leiden. De Hoge Raad oordeelde dat artikel 1a WED voor de periode 1 januari 1998 tot 17 februari 1999 moet worden gelezen met verbetering van de misslag, omdat de verwijzing naar artikel 14 Meststoffenwet Pro niet was aangepast aan de verplaatsing van het verbod naar artikel 55 Meststoffenwet Pro.
De Hoge Raad vernietigde het arrest van het hof en verwees de zaak terug naar het hof voor hernieuwde berechting op het bestaande hoger beroep. Hiermee werd bevestigd dat het feit strafbaar was gedurende de gehele periode, ondanks de kennelijke wetstechnische vergissing.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt arrest en wijst zaak terug voor hernieuwde berechting wegens kennelijke misslag in Wet op de economische delicten.