ECLI:NL:HR:2005:AT7342
Hoge Raad
- Herziening
- C.J.G. Bleichrodt
- J.P. Balkema
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid van herzieningsverzoek wegens ontbreken bewijsmiddelen
De aanvrager was door de kantonrechter veroordeeld voor een overtreding van het Binnenvaartpolitiereglement en had een geldboete opgelegd gekregen. Vervolgens werd een verzoek tot herziening van dit vonnis ingediend bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad beoordeelde het verzoek aan de hand van artikel 457 en Pro 459 van het Wetboek van Strafvordering. Deze artikelen schrijven voor dat een herzieningsverzoek moet steunen op nieuwe, met bewijsmiddelen gestaafde omstandigheden die bij het oorspronkelijke onderzoek niet bekend waren en die het vermoeden wekken dat het vonnis anders zou zijn uitgevallen.
In dit geval ontbraken echter de vereiste bewijsmiddelen in de aanvrage. Hierdoor kon het verzoek niet worden ontvangen. De Hoge Raad verklaarde het verzoek tot herziening daarom niet-ontvankelijk en wees het af.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van bewijsmiddelen.