ECLI:NL:HR:2005:AT5904
Hoge Raad
- Cassatie
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- F.W.G.M. van Brunschot
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- J.W. van den Berge
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over waardebepaling winstuitdeling onroerende zaak
Belanghebbende kreeg voor 1993 een aanslag vennootschapsbelasting opgelegd die na bezwaar door de inspecteur werd gehandhaafd. Het hof verklaarde het beroep gegrond en verminderde de aanslag aanzienlijk. De Hoge Raad vernietigt het hofarrest en verwijst de zaak terug naar het hof voor verdere behandeling.
De kern van het geschil betreft de waardebepaling van onroerende zaken die belanghebbende in 1993 aan kopers verkocht na overdracht van aandelen. De waarde van de onroerende zaken werd verschillend getaxeerd door de ABN-AMRO-bank en de Belastingdienst, en het hof bepaalde de waarde op het gemiddelde van deze taxaties.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de prijs die voor de aandelen is betaald niet in aanmerking zou moeten worden genomen bij de waardebepaling van de onroerende zaken. Hierdoor is het oordeel van het hof niet toereikend gemotiveerd en moet de zaak worden heroverwogen.
De Hoge Raad veroordeelt de Staat tot vergoeding van griffierecht en proceskosten en handhaaft de beslissingen omtrent griffierecht en proceskosten. De zaak wordt terugverwezen naar het hof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling met inachtneming van dit arrest.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over waardebepaling en verwijst zaak terug voor herbeoordeling.