ECLI:NL:HR:2005:AS4749
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- B.C. de Savornin Lohman
- J.W. Ilsink
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verwerpt cassatieberoep in zaak wegenverkeerswet boete
In deze strafzaak werd verdachte in hoger beroep door het Gerechtshof Amsterdam veroordeeld voor overtreding van artikel 7, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994, met oplegging van een geldboete van €275, subsidiair vijf dagen hechtenis. Verdachte stelde cassatieberoep in tegen dit arrest, waarbij de Advocaat-Generaal concludeerde tot vernietiging van het arrest en niet-ontvankelijkverklaring van verdachte wegens te laat ingesteld hoger beroep.
De Hoge Raad oordeelde dat het cassatiemiddel niet tot cassatie kon leiden en dat er geen aanleiding was om ambtshalve het arrest te vernietigen. Het middel richtte zich niet tegen de ontvankelijkheidsbeslissing van het hof en bevatte geen rechtsvragen die beantwoording in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling vereisten.
Daarom wees de Hoge Raad het cassatieberoep af en bevestigde het arrest van het hof. Hiermee bleef de veroordeling van verdachte wegens overtreding van de Wegenverkeerswet 1994 in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen; het arrest van het hof blijft in stand.