ECLI:NL:HR:2005:AR7349
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- H.A.M. Aaftink
- P.C. Kop
- J.C. van Oven
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verwerpt cassatie tegen afwijzing vordering tegen FortisBank
Eisers hebben FortisBank gedagvaard en vorderden betaling van een bedrag van ƒ 304.033,93 vermeerderd met rente. De rechtbank wees de vordering bij vonnis van 15 december 2000 af. Eisers stelden hoger beroep in bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch, dat na bewijslevering en enquête het vonnis van de rechtbank bekrachtigde.
Eisers gingen vervolgens in cassatie bij de Hoge Raad. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat nadere motivering niet nodig was omdat geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en veroordeelde eisers in de kosten van het geding in cassatie. Hiermee bleef het oordeel van de lagere rechterlijke instanties in stand dat de vordering van eisers tegen FortisBank niet toewijsbaar was.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eisers wordt verworpen en de kosten worden aan hen opgelegd.