ECLI:NL:HR:2004:AR8192
Hoge Raad
- Cassatie
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- F.W.G.M. van Brunschot
- C.B. Bavinck
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest over belastbare winst en vordering kwijtschelding vennootschap
X B.V. kreeg voor het jaar 1995 een aanslag vennootschapsbelasting opgelegd over een belastbaar bedrag van ƒ 625.176. Na bezwaar en beroep bij het Hof Arnhem werd het beroep ongegrond verklaard. De Hoge Raad stelde vast dat D, middellijk aandeelhouder via een Egyptische vennootschap, zijn vorderingen op X B.V. en H B.V. overdroeg aan zichzelf in privé en dat X B.V. en H B.V. vervolgens ƒ 2.500.000 aan D betaalden.
Het Hof oordeelde dat deze betaling een voordeel opleverde van ƒ 1.300.000, waarvan ƒ 680.000 aan X B.V. toerekenbaar was, en dat de vordering als volwaardig kon worden beschouwd. De Hoge Raad vond de motivering van het Hof echter ontoereikend, omdat niet werd uitgelegd waarom D genoegen nam met ƒ 2.500.000 als hij wist dat de vorderingen volwaardig waren.
De Hoge Raad verklaarde het cassatieberoep gegrond, vernietigde het arrest van het Hof en verwees de zaak naar het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch voor verdere behandeling. Tevens werden proceskosten toegewezen aan X B.V. en werd de Staat veroordeeld in de kosten van het cassatieproces.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt gegrond verklaard, het arrest van het Hof vernietigd en de zaak verwezen naar het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch voor verdere behandeling.