ECLI:NL:HR:2004:AR0254
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- J.B. Fleers
- H.A.M. Aaftink
- P.C. Kop
- J.C. van Oven
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Privatisering en boetebeding in geldleningsovereenkomst: geen matiging boete
In deze zaak vorderde Ohra Levensverzekeringen N.V. betaling van een boete van Epon (voorheen Electrabel Nederland N.V.) wegens privatisering, wat volgens het contract een boeteplichtige gebeurtenis was. De rechtbank wees de vorderingen af, maar het hof vernietigde dit en veroordeelde Epon tot betaling van de boete en rente.
Epon stelde in cassatie dat het hof onjuist had geoordeeld door niet tot matiging van de boete over te gaan, omdat privatisering geen tekortkoming in de nakoming oplevert. De Hoge Raad oordeelde dat het boetebeding in dit geval een schadevaststellingsbeding is, bedoeld om discussies over verminderde marktwaarde te voorkomen, en dat het hof terecht heeft geoordeeld dat de boete verschuldigd is zonder nadere voorwaarden.
Het hof had bovendien vastgesteld dat de privatisering de marktwaarde van de leningen deed dalen, wat de beëindiging van de overeenkomst rechtvaardigde. De stelling van Epon dat zij niet tekortgeschoten was in de nakoming en dat overleg ontbrak, bood geen grond voor matiging. Het cassatieberoep werd verworpen en Epon werd veroordeeld in de kosten van het geding.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat de boete wegens privatisering volledig verschuldigd is zonder matiging.