ECLI:NL:HR:2004:AP7760
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- P.C. Kop
- F.B. Bakels
- P. Neleman
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt schadevergoeding bij ontbinding koopwoning wegens wanprestatie
In deze zaak stond centraal of tussen partijen een koopovereenkomst tot stand was gekomen voor de verkoop van een woonhuis en welke schadevergoeding toekomt bij ontbinding wegens wanprestatie.
De eiseres had haar woning via een makelaar te koop aangeboden. Verweerders stelden dat een koopovereenkomst was gesloten voor ƒ 1.425.000,--, terwijl eiseres dit ontkende en de woning aan een derde verkocht voor ƒ 1.575.000,--. Na diverse procedures oordeelde het hof dat eiseres gebonden was aan de mededeling van haar makelaar dat zij het bod had aanvaard, en veroordeelde haar tot betaling van schadevergoeding en boete.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep van eiseres en bevestigde dat de schadevergoeding op grond van art. 6:277 BW Pro moet worden berekend als het verschil tussen de overeengekomen koopprijs en de marktprijs, ongeacht of het huis bestemd was voor bewoning of doorverkoop. Tevens vernietigde de Hoge Raad het incidentele beroep van verweerders inzake de kosten van verhaal en verwees de zaak voor verdere behandeling terug naar het gerechtshof.
De Hoge Raad benadrukte dat de vordering tot vergoeding van kosten van verhaal gebaseerd was op een contractuele bepaling, waardoor het hof een onjuiste rechtsopvatting had gegeven door deze kosten slechts toewijsbaar te achten voor zover redelijk en noodzakelijk. De zaak wordt derhalve verder behandeld met inachtneming van deze overwegingen.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt schadevergoeding wegens wanprestatie en verwijst de zaak terug voor verdere behandeling van de kosten van verhaal.