ECLI:NL:HR:2004:AP6783
Hoge Raad
- Cassatie
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- F.W.G.M. van Brunschot
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- J.W. van den Berge
- Rechtspraak.nl
Vaststelling verlies en vermindering aanslag vennootschapsbelasting na fiscale eenheid en vervangingsreserve
Belanghebbende, een vennootschap die tot en met 1994 deel uitmaakte van een fiscale eenheid, had in 1994 een vervangingsreserve gevormd naar aanleiding van de verkoop van een bedrijfspand binnen de fiscale eenheid. Medio 1995 werd de fiscale eenheid verbroken door de verkoop van aandelen, waarna de inspecteur de winst van belanghebbende over 1995 corrigeerde door de vervangingsreserve te betrekken.
Het hof oordeelde dat belanghebbende de vervangingsreserve ultimo 1995 niet mocht handhaven, omdat de boekwinst betrekking had op een pand in eigen gebruik binnen de fiscale eenheid. De Hoge Raad oordeelt anders: bij het wegnemen van de fiscale eenheidseffecten per ultimo 1994 had het pand de functie van verhuurd pand, en mocht de vervangingsreserve worden gevormd en gehandhaafd.
De Hoge Raad verklaart het beroep gegrond, vernietigt het hof-arrest en de uitspraak van de inspecteur, vermindert de aanslag tot nihil en stelt het verlies van negatief ƒ 40.472 vast. Tevens worden proceskosten aan de zijde van belanghebbende toegewezen.
Uitkomst: De aanslag vennootschapsbelasting 1995 wordt verminderd tot nihil en het verlies vastgesteld op negatief ƒ 40.472.