ECLI:NL:HR:2004:AP1664
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- D.H. Beukenhorst
- O. de Savornin Lohman
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- E.J. Numann
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over redelijkheid en billijkheid bij verjaring beding in algemene voorwaarden tussen professionele partijen
In deze zaak vordert Zürich als gesubrogeerde verzekeraar schadevergoeding van hoofdaannemer GTI wegens een gasexplosie veroorzaakt door een niet vastgedraaide flens aan een centrale verwarmingsketel. GTI beriep zich op het verjaringbeding uit de Algemene Leveringsvoorwaarden Installerende Bedrijven (ALIB), dat een verjaringstermijn van één jaar na aansprakelijkstelling bepaalt.
De rechtbank wees de vordering af wegens verjaring, maar het hof Arnhem vernietigde dit vonnis en wees de vordering alsnog toe, met het argument dat GTI jegens de Gemeente en daarmee Zürich geen beroep kon doen op het verjaringsbeding vanwege het valkuilkarakter en het ontbreken van een waarschuwingsplicht.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof onduidelijk is geweest over de gehanteerde maatstaf voor het buiten toepassing laten van het beding en dat het oordeel onvoldoende gemotiveerd is. De Hoge Raad benadrukt dat het beroep op redelijkheid en billijkheid slechts kan leiden tot buiten toepassing laten van het beding indien dit naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is. De zaak wordt terugverwezen voor nadere behandeling en beslissing.
De Hoge Raad weegt mee dat de Gemeente als professionele wederpartij geacht wordt bekend te zijn met algemene voorwaarden, dat GTI geen eigen beweging tot waarschuwing verplicht was, en dat de behandeling van het verhaal bij de verzekeraar lag. De uitspraak verduidelijkt de terughoudende toepassing van redelijkheid en billijkheid bij verjaringbedingen in contracten tussen professionele partijen.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug voor nadere behandeling en beslissing.