ECLI:NL:HR:2004:AP0954
Hoge Raad
- Cassatie
- R. Herrmann
- J.B. Fleers
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- P.C. Kop
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid aannemer voor asbestverontreiniging na saneringswerkzaamheden
NSC exploiteerde tot 1993 een fabriek op een perceel dat zij in 1997 verkocht, met de verplichting bodemverontreiniging te saneren. [Verweerster] voerde in 1996 en 1997 saneringswerkzaamheden uit, waarbij asbesthoudend puin werd aangetroffen en verspreid.
NSC stelde [verweerster] aansprakelijk wegens het niet waarschuwen voor de asbestrisico's bij het zeven en verspreiden van puin. De rechtbank en het hof wezen de vordering af, stellende dat NSC zelf op de hoogte was van de asbestvondst en naliet een nader onderzoek te doen.
De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en oordeelde dat de waarschuwingsplicht van de aannemer niet geldt indien de opdrachtgever zelf over dezelfde kennis beschikt en het risico bewust accepteert. NSC werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat de aannemer geen waarschuwingsplicht had omdat NSC zelf op de hoogte was van de asbestrisico's en naliet nader onderzoek te doen.