ECLI:NL:HR:2004:AO3454
Hoge Raad
- Cassatie
- W.J.M. Davids
- G.J.M. Corstens
- J.W. Ilsink
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en verwijzing wegens onvoldoende motivering zwaar lichamelijk letsel bij mishandeling
De verdachte werd in hoger beroep door het Gerechtshof Amsterdam veroordeeld voor het opzettelijk toebrengen van zwaar lichamelijk letsel aan het slachtoffer, onder meer bestaande uit breuken aan het jukbeen en de neus en afgebroken tanden.
De bewijsmiddelen bestonden uit een proces-verbaal met verklaringen van het slachtoffer en getuigen, alsmede een medisch rapport van een kaakchirurg. Het hof achtte bewezen dat de verdachte het letsel had toegebracht door meerdere slagen tegen het gezicht van het slachtoffer.
De Hoge Raad oordeelt echter dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het letsel als zwaar lichamelijk letsel moet worden aangemerkt, mede omdat de aard van het medisch ingrijpen en het uitzicht op herstel niet in de bewijsmiddelen zijn toegelicht.
Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest en verwijst de zaak naar het Gerechtshof te 's-Gravenhage voor hernieuwde berechting en afdoening op het bestaande hoger beroep.
De verdachte was eerder door het hof veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf en taakstraf, met een betalingsverplichting aan het slachtoffer.
Uitkomst: Arrest vernietigd en zaak verwezen voor hernieuwde berechting wegens onvoldoende motivering over zwaar lichamelijk letsel.