ECLI:NL:HR:2004:AO3444
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- J.P. Balkema
- A.J.A. van Dorst
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verdachte wegens te laat ingesteld hoger beroep tegen vonnis politierechter
De verdachte werd door de politierechter veroordeeld wegens verduistering en kreeg een werkstraf opgelegd. Het hof verklaarde de verdachte niet-ontvankelijk in hoger beroep omdat het hoger beroep te laat was ingesteld, ruim vier maanden na het vonnis van de politierechter.
De Hoge Raad bevestigde dat de verdachte bekend was met de zitting waarop het onderzoek werd geschorst en dat het vonnis op 25 februari 2002 werd gewezen. De termijn voor het instellen van hoger beroep was veertien dagen, maar de verdachte stelde het hoger beroep pas op 30 juli 2002 in.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof terecht de niet-ontvankelijkheid had vastgesteld en verwierp het cassatieberoep. Een beroep op psychische omstandigheden werd niet ontvankelijk geacht omdat dit niet eerder was ingebracht. Daarmee bleef de uitspraak van het hof in stand.
Uitkomst: De verdachte werd niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep wegens overschrijding van de beroepstermijn.