ECLI:NL:HR:2004:AO1310
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- A. Hammerstein
- P.C. Kop
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt levensonderhoudsverplichting na hoger beroep in familierechtelijke zaak
In deze zaak stond de vraag centraal of de man gehouden was tot betaling van levensonderhoud aan de vrouw, zoals door het hof Arnhem bij eindarrest van 26 november 2002 was vastgesteld. De procedure kende een lange voorgeschiedenis met eerdere vernietigingen en verwijzingen door de Hoge Raad.
Het hof Arnhem had na diverse tussenarresten en bewijslevering de man veroordeeld tot betaling van levensonderhoud aan de vrouw met verschillende bedragen per maand, ingaande vanaf 1 januari 1997, met wettelijke indexering vanaf 2003. Tevens werd het vonnis uitvoerbaar bij voorraad verklaard en de proceskosten gecompenseerd.
De man stelde beroep in cassatie in tegen de arresten van het hof, maar de Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden. De Hoge Raad zag geen noodzaak tot nadere motivering omdat de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang waren voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Daarmee werd het beroep van de man verworpen en bleef het arrest van het hof Arnhem in stand, waarmee de man gehouden bleef tot de opgelegde betalingen aan de vrouw.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de man wordt verworpen, het arrest van het hof Arnhem blijft in stand.