ECLI:NL:HR:2004:AL8446
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- J.P. Balkema
- A.J.A. van Dorst
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bewijs en getuigenverhoor bij overtreding loslopende hond binnen bebouwde kom
De zaak betreft de veroordeling van verdachte wegens twee overtredingen van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) van Hengelo, waarbij hij zijn hond op 15 december 2000 en 15 februari 2001 binnen de bebouwde kom los liet lopen zonder aanlijnplicht.
De bewezenverklaring berust op proces-verbalen van een opsporingsambtenaar die de feiten persoonlijk heeft waargenomen. Verdachte heeft verzocht om de verbalisant als getuige te horen om de betrouwbaarheid van het bewijs aan te vechten, maar dit verzoek werd door het hof afgewezen wegens het ontbreken van tijdige en gemotiveerde indiening.
De Hoge Raad benadrukt dat een proces-verbaal van een opsporingsambtenaar die eigen waarnemingen vastlegt, als een getuigenverklaring in de zin van het EVRM moet worden beschouwd. Verdachte heeft het recht om de verbalisant te ondervragen, maar dient daartoe tijdig en gemotiveerd een verzoek in te dienen.
Omdat verdachte dit niet heeft gedaan, en het hof zijn afwijzing van het verzoek voldoende heeft gemotiveerd, wordt het cassatieberoep verworpen. Het arrest bevestigt het bijzondere vertrouwen dat de wetgever stelt in de betrouwbaarheid van proces-verbalen van opsporingsambtenaren.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling wegens overtreding van de APV blijft in stand.