ECLI:NL:HR:2003:AN7817
Hoge Raad
- Cassatie
- R. Herrmann
- H.A.M. Aaftink
- D.H. Beukenhorst
- P.C. Kop
- E.J. Numann
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid curatoren voor onrechtmatige daad bij verkoop onder eigendomsvoorbehoud in faillissement
In deze zaak stond de vraag centraal of curatoren in het faillissement van Mobell B.V. onrechtmatig hebben gehandeld jegens Interplan door goederen die onder eigendomsvoorbehoud waren geleverd, zonder toestemming over te dragen aan een derde partij (UTB). De rechtbank wees de vordering van Interplan af, maar het hof vernietigde dit en oordeelde dat de curatoren onrechtmatig hadden gehandeld en aansprakelijk waren voor de schade.
De Hoge Raad bevestigde het oordeel van het hof dat de curatoren zonder voorafgaande toestemming van Interplan de goederen onder eigendomsvoorbehoud in de feitelijke macht van UTB hadden gebracht. Dit was onrechtmatig omdat geen zwaarwegende maatschappelijke belangen waren gesteld die dit handelen rechtvaardigden. De curatoren hadden de belangen van Interplan als separatist onvoldoende in acht genomen.
Het hof had terecht geoordeeld dat de afkoelingsperiode en de overeenkomst met UTB geen rechtvaardiging boden voor het handelen van de curatoren. Ook het argument dat de goederen bestemd waren voor verkoop faalde omdat de normale bedrijfsuitoefening van Mobell was beëindigd. De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en veroordeelde de curatoren in de proceskosten.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de aansprakelijkheid van de curatoren voor onrechtmatig handelen.