ECLI:NL:HR:2003:AN7550
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- P.C. Kop
- E.J. Numann
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens vervallen belang bij voorlopige machtiging opname psychiatrisch ziekenhuis
De rechtbank Utrecht verleende op 8 april 2003 een voorlopige machtiging voor opname van verzoekster in een psychiatrisch ziekenhuis voor zes maanden. Verzoekster vroeg op 13 mei 2003 ontslag, welk verzoek door de geneesheer-directeur werd afgewezen. De officier van justitie verzocht vervolgens de rechtbank om een beslissing op het afwijzingsbesluit. Na een zitting op 18 juni 2003 wees de rechtbank het ontslagverzoek af op 25 juni 2003.
Verzoekster stelde beroep in cassatie tegen deze afwijzing. De Hoge Raad oordeelde echter dat het belang van verzoekster in het cassatieberoep was komen te vervallen omdat de voorlopige machtiging inmiddels was verstreken. Daarom werd verzoekster niet-ontvankelijk verklaard.
Ondanks deze niet-ontvankelijkheid overwoog de Hoge Raad inhoudelijk over de rechtsvraag of de geneesheer-directeur verplicht was verzoekster zelf te horen voorafgaand aan de afwijzing van het ontslagverzoek. De Hoge Raad stelde dat het horen van de behandelaar niet gelijkstaat aan het horen van de patiënt zelf, zoals vereist is volgens artikel 4:7 Awb Pro. Echter, de rechtbank had geoordeeld dat verzoekster voldoende gelegenheid had gehad haar zienswijze te geven.
De Hoge Raad verduidelijkte dat de beslissing van de geneesheer-directeur als een bestuursorgaanbesluit moet worden gezien, waarop de hoorplicht van toepassing is. Desalniettemin is de toetsing door de rechter in het vervolgproces gericht op de vraag of de vrijheidsbeneming moet voortduren, waarbij het niet horen van verzoekster door de geneesheer-directeur niet tot vernietiging van de rechterlijke beschikking kan leiden.
De Hoge Raad verklaarde het cassatieberoep niet-ontvankelijk en bevestigde daarmee de afwijzing van het ontslagverzoek.
Uitkomst: Hoge Raad verklaart verzoekster niet-ontvankelijk wegens vervallen belang bij cassatieberoep.