ECLI:NL:HR:2003:AH9611
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- P.C. Kop
- F.B. Bakels
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van het verzoek tot verlening van verstek bij betekening van dagvaarding aan kantoor advocaat
In deze zaak heeft eiser tot cassatie beroep ingesteld tegen meerdere tussenarresten en het eindarrest van het Gerechtshof te Arnhem. De dagvaarding tot cassatie is betekend aan het kantoor van de procureur van verweerder, omdat deze laatstelijk daar woonplaats had gekozen. De deurwaarder trof niemand aan om het exploot persoonlijk te overhandigen en liet het in een gesloten envelop achter op het kantoor van de procureur.
Verweerder is niet verschenen op de terechtzitting van de Hoge Raad, waarop eiser verstek heeft gevraagd. De Advocaat-Generaal adviseerde om verstek te verlenen. De Hoge Raad heeft vervolgens het verzoek tot verstekverlening beoordeeld aan de hand van de wetsgeschiedenis en strekking van de artikelen 63 en 47 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
De Hoge Raad concludeert dat de betekeningswijzen van exploten zoals geregeld in deze artikelen gecombineerd kunnen worden, en dat het achterlaten van de dagvaarding in een gesloten envelop op het kantoor van de procureur een voldoende waarborg biedt dat de dagvaarding de verweerder bereikt. Daarom wordt verstek verleend tegen verweerder en wordt de zaak verwezen naar de rolzitting voor voortprocederen.
Uitkomst: De Hoge Raad verleent verstek tegen de niet verschenen verweerder en verwijst de zaak naar de rolzitting voor voortprocederen.