ECLI:NL:HR:2003:AF5365
Hoge Raad
- Cassatie
- L. Monné
- P.J. van Amersfoort
- C.J.J. van Maanen
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt verplichting gemeente tot inzameling huishoudelijke afvalstoffen ondanks industriële bestemming perceel
Belanghebbende kreeg voor 1999 een aanslag afvalstoffenheffing opgelegd door de gemeente Zaanstad, die na bezwaar werd gehandhaafd. Het Hof verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond. Belanghebbende stelde cassatieberoep in tegen deze uitspraak.
Belanghebbende voerde aan dat zijn perceel een industriële bestemming had, waardoor de gemeente niet verplicht zou zijn tot inzameling van huishoudelijke afvalstoffen. Het Hof stelde vast dat belanghebbende deze stelling niet heeft laten vallen tijdens de zitting, maar oordeelde dat ondanks de industriële bestemming het perceel feitelijk een woning is waar huishoudelijk afval ontstaat.
De Hoge Raad oordeelde dat de industriële bestemming niet afdoet aan de verplichting van de gemeente tot inzameling van huishoudelijke afvalstoffen. Er waren geen gronden voor proceskostenveroordeling. Het beroep in cassatie werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en de aanslag afvalstoffenheffing blijft gehandhaafd.