ECLI:NL:HR:2003:AF4173
Hoge Raad
- Cassatie
- A.G. Pos
- L. Monné
- P.J. van Amersfoort
- A.R. Leemreis
- C.J.J. van Maanen
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt dat verhuurder als verbruiker gasolie geldt voor regulerende energiebelasting
Belanghebbende, een bedrijf in de bouwnijverheid, had over 1997 een verzoek ingediend tot teruggaaf van regulerende energiebelasting op grond van artikel 36l van de Wet belastingen op milieugrondslag (Wbm). Dit verzoek werd door de Inspecteur afgewezen, omdat deze van mening was dat niet belanghebbende, maar haar zustervennootschappen de gasolie voor eigen gebruik hadden afgenomen en ieder afzonderlijk een teruggaafverzoek moest indienen.
Het Gerechtshof Amsterdam verklaarde het beroep van belanghebbende gegrond, vernietigde de beschikking van de Inspecteur en kende de teruggaaf toe. Het hof oordeelde dat belanghebbende als verbruiker van de gasolie moest worden aangemerkt, omdat zij de hei-installaties verhuurde inclusief de brandstofvoorziening, en een vaste huurprijs rekende ongeacht het daadwerkelijke verbruik.
De Staatssecretaris van Financiën stelde beroep in cassatie in tegen deze uitspraak. De Hoge Raad overwoog dat het hof geen onjuiste rechtsopvatting had gegeven over wie als verbruiker geldt in een dergelijke huurverhouding en dat de feitelijke waarderingen niet in cassatie konden worden getoetst. Het cassatieberoep werd ongegrond verklaard.
De Hoge Raad veroordeelde de Staatssecretaris in de proceskosten en legde een griffierecht op. Hiermee werd bevestigd dat belanghebbende recht had op teruggaaf van de regulerende energiebelasting over het jaar 1997.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de Staatssecretaris van Financiën wordt ongegrond verklaard en het arrest van het hof bevestigd.