ECLI:NL:HR:2003:AF2832
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- H.A.M. Aaftink
- A.G. Pos
- D.H. Beukenhorst
- P.C. Kop
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Nietigheid ontslag wegens late toevoeging wederindiensttredingsvoorwaarde aan ontslagvergunning
De zaak betreft een geschil tussen Lypack B.V. en een werknemer die op 30 oktober 1988 in dienst trad en in 1999 werd ontslagen na toestemming van de Regionaal Directeur Arbeidsvoorzieningsorganisatie Friesland (RDA). De RDA verleende toestemming voor ontslag wegens bedrijfseconomische redenen, maar later werd een wederindiensttredingsvoorwaarde aan die toestemming toegevoegd vanwege een administratieve omissie.
De werknemer stelde dat Lypack deze voorwaarde had overtreden door uitzendkrachten in te zetten die zijn werkzaamheden verrichtten, en vorderde onder meer nietigheid van het ontslag, herplaatsing en loonbetaling. De kantonrechter en rechtbank behandelden de zaak en stelden bewijslevering en verdere behandeling vast.
De Hoge Raad oordeelde dat het bestuursrechtelijk mogelijk is om aan een verleende toestemming alsnog voorwaarden te verbinden, mits dit niet in strijd is met het vertrouwensbeginsel en rechtszekerheid. Omdat Lypack erop mocht vertrouwen dat de toestemming onvoorwaardelijk was, was het niet toegestaan om achteraf met terugwerkende kracht de voorwaarde toe te voegen.
Het arrest vernietigt het vonnis van de rechtbank en verwijst de zaak naar het gerechtshof voor nadere beoordeling van de feiten en omstandigheden omtrent het vertrouwen en de eventuele overtreding van de wederindiensttredingsvoorwaarde. De Hoge Raad veroordeelde de werknemer in de kosten van het cassatieproces.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het vonnis en verwijst de zaak naar het gerechtshof voor verdere behandeling over de wederindiensttredingsvoorwaarde en de rechtsgevolgen van het ontslag.