ECLI:NL:HR:2003:AF1883
Hoge Raad
- Cassatie
- R. Herrmann
- H.A.M. Aaftink
- A.G. Pos
- O. de Savornin Lohman
- A. Hammerstein
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing vordering onverschuldigde betaling tegen Topmen Oilfield Personnel
Verweerder heeft Topmen gedagvaard wegens onverschuldigde betaling van een bedrag van ƒ 11.688,69, vermeerderd met wettelijke rente. De Kantonrechter wees de vordering af, maar de Rechtbank vernietigde dit en veroordeelde Topmen tot betaling van het bedrag met rente vanaf 12 juni 1998. Topmen stelde beroep in cassatie in tegen dit vonnis.
De Hoge Raad oordeelt dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie kunnen leiden en dat geen nadere motivering nodig is omdat geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde zijn. Het cassatieberoep wordt verworpen.
Topmen wordt veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding, begroot op € 286,88 aan verschotten en € 1.365,-- aan salaris advocaat. Het arrest bevestigt daarmee de eerdere uitspraak van de Rechtbank.
Uitkomst: Het cassatieberoep van Topmen wordt verworpen en Topmen wordt veroordeeld tot betaling van het onverschuldigde bedrag met rente en de kosten van het cassatiegeding.