ECLI:NL:HR:2003:AF1487
Hoge Raad
- Cassatie
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- H.A.M. Aaftink
- O. de Savornin Lohman
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep tegen adoptiebesluit pleegouders in belang van kind
De pleegouders van een kind, geboren in 1985 uit een relatie van de vader met de moeder, verzochten de rechtbank tot adoptie van het kind. De vader, die het kind had erkend maar sinds jaren geen contact meer had, verzette zich tegen de adoptie. De rechtbank wees het verzoek toe, waarna het hof deze beslissing bekrachtigde.
Het hof oordeelde dat hoewel adoptie het familierechtelijke verband tussen vader en kind beëindigt, de vader zijn vetorecht niet onbeperkt kan uitoefenen. Gezien de lange verzorging door de pleegouders, de wens van het inmiddels 17-jarige kind en het ontbreken van contact met de vader, maakte de vader misbruik van zijn vetorecht.
De vader stelde in cassatie dat alleen de in art. 1:228 lid 2 BW Pro genoemde gronden tot passeren van tegenspraak leiden, maar de Hoge Raad bevestigde dat ook misbruik van bevoegdheid een grond is. Het cassatieberoep werd verworpen, waarmee de adoptiebeschikking definitief werd.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de adoptiebeschikking van de pleegouders.