ECLI:NL:HR:2003:AF0417
Hoge Raad
- Cassatie
- G.J. Zuurmond
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- F.W.G.M. van Brunschot
- C.B. Bavinck
- J.W. van den Berge
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt aansprakelijkheid vergunninghouder voor accijns op gestolen tabaksproducten
X B.V. beschikte over een vergunning voor een accijnsgoederenplaats waar tabaksproducten zonder accijns mochten worden opgeslagen. In november 1995 werden uit deze accijnsgoederenplaats tabaksproducten gestolen. Omdat deze gestolen goederen niet in de aangifte waren opgenomen, legde de Inspecteur naheffingsaanslagen op voor accijns en omzetbelasting, inclusief een verhoging.
Na bezwaar en beroep bij het Gerechtshof werd de naheffingsaanslag omzetbelasting vernietigd en de accijns verminderd tot het bedrag van enkelvoudige accijns. X B.V. stelde in cassatie dat op grond van de Wet op de accijns en de Europese Accijnsrichtlijn geen accijns verschuldigd zou zijn over de gestolen goederen, en dat zij aanspraak kon maken op vrijstelling wegens verlies door diefstal.
De Hoge Raad oordeelde dat volgens de Wet op de accijns de vergunninghouder aansprakelijk blijft voor accijns op goederen die uit de accijnsgoederenplaats zijn verdwenen, ook bij diefstal. De Accijnsrichtlijn biedt geen vrijstelling voor verliezen door diefstal. Ook het argument dat de naheffingsaanslag alleen aan de dief kan worden opgelegd faalt, omdat de dief geen belastingplichtige is in de zin van de wet.
De Hoge Raad verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde de rechtmatigheid van de naheffingsaanslagen tegen X B.V. De proceskosten werden niet aan X B.V. opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van X B.V. wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslagen blijven in stand.