ECLI:NL:HR:2002:AE9254
Hoge Raad
- Cassatie
- R. Herrmann
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- O. de Savornin Lohman
- A. Hammerstein
- P.C. Kop
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vonnis afgifte minderjarige aan echtpaar in kort geding
In deze zaak vorderde het echtpaar in kort geding dat eiser het minderjarige kind aan hen zou afgeven, al dan niet aan een door hen aan te wijzen vertegenwoordiger of voogdij-instelling, onder verbeurte van een dwangsom. Eiser bestreed deze vordering en stelde een reconventionele vordering tot verbod op tenuitvoerlegging van de beschikking en opschorting van de tenuitvoerlegging.
De President van de Rechtbank te Groningen wees het verzoek van het echtpaar toe en veroordeelde eiser tot afgifte van het kind en betaling van een dwangsom bij niet-naleving. De reconventionele vorderingen van eiser werden afgewezen. Eiser stelde hoger beroep in bij het Gerechtshof Leeuwarden, dat het vonnis bekrachtigde.
Tegen dit arrest stelde eiser beroep in cassatie bij de Hoge Raad. De Hoge Raad oordeelt dat de aangevoerde klachten niet leiden tot cassatie en verwerpt het beroep zonder nadere motivering, bevestigt daarmee het vonnis en het arrest van het hof. De zaak werd behandeld door een kamer onder voorzitterschap van vice-president Herrmann en raadsheren van der Putt-Lauwers, de Savornin Lohman, Hammerstein en Kop.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de veroordeling tot afgifte van het minderjarige kind aan het echtpaar.