ECLI:NL:HR:2002:AE8175
Hoge Raad
- Cassatie
- G.G. van Erp Taalman Kip-Nieuwenkamp
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- H.A.M. Aaftink
- D.H. Beukenhorst
- O. de Savornin Lohman
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest over schadevergoeding wegens wanprestatie en verwijst naar Hof
De zaak betreft een geschil tussen eiser en verweerder over schadevergoeding wegens wanprestatie. Eiser had een schadestaatprocedure aangespannen na een eerdere veroordeling van verweerder tot schadevergoeding door het Gerechtshof te 's-Gravenhage. De rechtbank veroordeelde verweerder tot betaling van schadebedragen, waarop verweerder hoger beroep instelde bij het Hof Amsterdam. Het Hof vernietigde deels het vonnis van de rechtbank en verwees de zaak terug voor verdere behandeling.
In cassatie klaagde eiser onder meer over de vaststelling van inkomens- en vermogensschade, gebaseerd op rapporten van een accountantsbureau. Het Hof had een lagere schadevergoeding vastgesteld dan door het accountantsbureau berekend, omdat onvoldoende rekening was gehouden met ondernemingsrisico's en andere factoren. Daarnaast wees het Hof een aanvullende schadevergoeding af omdat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij in de betreffende periode geen inkomsten kon verwerven.
De Hoge Raad oordeelt dat het oordeel van het Hof over het niet aannemelijk maken van het ontbreken van inkomsten onbegrijpelijk is, mede gelet op de stellingen van eiser en zijn beroep op een uitkering en lening. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest van het Hof Amsterdam en verwijst de zaak naar het Hof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling en beslissing. Het incidentele cassatieberoep van verweerder wordt verworpen.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt arrest Hof Amsterdam en verwijst zaak terug naar Hof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling.