ECLI:NL:HR:2002:AE4437
Hoge Raad
- Cassatie
- C.H.M. Jansen
- A.G. Pos
- P.C. Kop
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Cassatie over de toepasselijkheid van de CAO voor zorgverzekeraars en schadevergoeding na onrechtmatige non-actiefstelling
In deze zaak heeft eiseres tot cassatie, hierna aangeduid als [eiseres], Stogon en de onderlinge Waarborgmaatschappij Oostnederland Zorgverzekeraar Ziekenfonds U.A. gedagvaard voor de Kantonrechter te Enschede. Eiseres vorderde onder andere dat de arbeidsovereenkomst met Stogon onder de CAO voor zorgverzekeraars valt, en dat Stogon en Oostnederland Zorgverzekeraar gehouden zijn om het sociaal plan van Oostnederland Zorgverzekeraar toe te passen. Tevens vorderde zij de onrechtmatige non-actiefstelling per 1 oktober 1996 in te trekken. Stogon en Oostnederland Zorgverzekeraar hebben de vorderingen bestreden. Eiseres heeft haar vorderingen later gewijzigd en vorderde schadevergoeding voor het niet naleven van de CAO en het sociaal plan, inclusief een jaar salaris en kosten voor outplacement.
De Kantonrechter heeft in een tussenvonnis een comparitie van partijen gelast en eiseres opgedragen bewijs te leveren dat het sociaal plan van Oostnederland van toepassing is. Uiteindelijk heeft de Kantonrechter in een eindvonnis van 22 april 1999 de vorderingen van eiseres afgewezen. Eiseres heeft hiertegen hoger beroep ingesteld bij de Rechtbank te Almelo, die de beslissing van de Kantonrechter heeft bekrachtigd in een eindvonnis van 28 juni 2000. Eiseres heeft vervolgens cassatie ingesteld, terwijl Stogon voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep heeft ingesteld.
De Hoge Raad heeft de zaak behandeld en de conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekte tot verwerping van het principaal beroep. De Hoge Raad heeft geoordeeld dat de klachten in de middelen niet tot cassatie kunnen leiden en dat het voorwaardelijk incidenteel beroep geen behandeling behoeft. De Hoge Raad heeft het principaal beroep verworpen en eiseres in de kosten van het geding in cassatie veroordeeld.