ECLI:NL:HR:2002:AE4075
Hoge Raad
- Cassatie
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- H.A.M. Aaftink
- D.H. Beukenhorst
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verwerpt cassatieberoep in civiele schadevordering
Eiser heeft verweerder gedagvaard en gevorderd tot betaling van een bedrag van ƒ 319.876,-- en schadevergoeding, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 5 december 1996. De rechtbank wees de vordering af. Eiser stelde hoger beroep in bij het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch.
Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en veroordeelde verweerder tot betaling van schadevergoeding, nader op te maken bij staat, met wettelijke rente vanaf 5 december 1996. Het meer of anders gevorderde werd afgewezen. Eiser stelde vervolgens beroep in cassatie tegen dit arrest.
De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was omdat de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling. Het cassatieberoep werd verworpen en eiser werd veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding, die nihil werden begroot aan de zijde van verweerder.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiser wordt verworpen en eiser wordt in de kosten van het cassatiegeding veroordeeld.