ECLI:NL:HR:2002:AE1533
Hoge Raad
- Cassatie
- G.G. van Erp Taalman Kip-Nieuwenkamp
- J.B. Fleers
- A.G. Pos
- A. Hammerstein
- P.C. Kop
- O. de Savornin Lohman
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt toereikendheid sociaal plan bij kennelijk onredelijk ontslag
In deze zaak vordert eiser schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag door verweerster. Eiser stelt dat de gevolgen van het ontslag voor hem te ernstig zijn in verhouding tot het belang van verweerster bij de opzegging, mede omdat hij geen passende voorziening zou hebben ontvangen.
De rechtbank en het gerechtshof hebben het ontslag echter niet als kennelijk onredelijk beoordeeld, omdat eiser een beëindigingsvergoeding heeft ontvangen die in overeenstemming is met het sociaal plan dat in overleg met vakorganisaties tot stand is gekomen. De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en stelt dat een ontslag waarbij een voorziening wordt aangeboden die overeenkomt met een sociaal plan, pas als kennelijk onredelijk kan worden aangemerkt indien het plan onvoldoende rekening houdt met bijzondere individuele omstandigheden.
Eiser heeft dergelijke bijzondere omstandigheden niet gesteld of bewezen. De Hoge Raad wijst het cassatieberoep af en veroordeelt eiser in de kosten van het geding. Hiermee wordt bevestigd dat het sociaal plan een belangrijke maatstaf vormt voor de beoordeling van de redelijkheid van een ontslagvergoeding in het kader van reorganisatie.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen; het ontslag is niet kennelijk onredelijk omdat een passende voorziening conform het sociaal plan is getroffen.