ECLI:NL:HR:2002:AE1310
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- F.H. Koster
- J.P. Balkema
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verwerpt cassatieberoep wegens schending aanwezigheidsrecht verdachte niet gegrond
De zaak betreft een cassatieberoep van verdachte tegen een vonnis van de rechtbank Breda, waarbij het verstekvonnis van de kantonrechter Tilburg werd vernietigd. De kantonrechter had verstek verleend terwijl verdachte niet aanwezig was, hoewel hij ten tijde van de zitting elders gedetineerd was en niet ondubbelzinnig afstand had gedaan van zijn aanwezigheidsrecht.
De Hoge Raad overweegt dat het verzuim van de kantonrechter niet leidt tot verwijzing van de zaak naar de eerste rechter, omdat dit niet valt onder de uitzonderingen van artikel 423 lid 1 Wetboek Pro van Strafvordering. De rechtbank heeft het verstekvonnis terecht vernietigd en de zaak inhoudelijk behandeld.
De advocaat-generaal had geconcludeerd tot verwerping van het beroep en de Hoge Raad volgt dit advies. Het cassatieberoep faalt en wordt verworpen, waarmee de bestreden uitspraak in stand blijft.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het vonnis van de rechtbank Breda blijft in stand.