ECLI:NL:HR:2002:AE0748
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- C.H.M. Jansen
- J.B. Fleers
- A.G. Pos
- P.C. Kop
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Geen vergoeding voor zakelijke goodwill bij verdeling huwelijksgoederengemeenschap
De zaak betreft de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap tussen man en vrouw na echtscheiding, waarbij de vrouw aanspraak maakte op vergoeding van de door de man opgebouwde goodwill in zijn advocatenpraktijk. De rechtbank kende de vrouw een bedrag toe voor zakelijke goodwill, maar het hof vernietigde dit en veroordeelde de vrouw tot terugbetaling van het reeds betaalde bedrag.
De Hoge Raad bevestigt het oordeel van het hof dat de goodwill, voor zover aanwezig, geen zelfstandige waarde vormt die kan worden verdeeld. Het onderscheid tussen belichaamde en onbelichaamde goodwill is hierbij van belang; in deze zaak is geen sprake van belichaamde goodwill. De vermeende onbelichaamde goodwill kan niet worden overgedragen of in geld worden gewaardeerd.
Verder oordeelt de Hoge Raad dat de door de vrouw aangevoerde inverdienregeling, waarbij de man tijdelijk korting kreeg op zijn winstaandeel, niet leidt tot een aanspraak op vergoeding of verrekening. Ook op grond van redelijkheid en billijkheid bestaat geen verplichting tot vergoeding van goodwill. Het beroep van de vrouw wordt daarom verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het beroep en bevestigde dat zakelijke goodwill niet deel uitmaakt van de huwelijksgoederengemeenschap en geen vergoeding toekomt.