ECLI:NL:HR:2002:AD9095
Hoge Raad
- Cassatie
- E. Korthals Altes
- D. H. Beukenhorst
- P. J. van Amersfoort
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep cassatie tegen waardebeschikking onroerende zaak
Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen de vastgestelde waarde van een onroerende zaak gelegen aan a-straat 1 te Q voor de periode van 1 januari 1997 tot en met 31 december 2000, vastgesteld op ƒ 443.000. De Inspecteur der gemeentebelastingen van de gemeente Leiden heeft het bezwaar ongegrond verklaard en de beschikking gehandhaafd. Vervolgens heeft belanghebbende beroep ingesteld bij het Hof, dat de uitspraak van de Inspecteur bevestigde.
Tegen de uitspraak van het Hof heeft belanghebbende cassatieberoep ingesteld bij de Hoge Raad. Het beroepschrift in cassatie is aan het arrest gehecht en maakt daarvan integraal deel uit. De Hoge Raad heeft de klachten van belanghebbende beoordeeld, maar geoordeeld dat deze niet leiden tot cassatie. Er is geen aanleiding om rechtsvragen te beantwoorden in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
De Hoge Raad heeft geen aanleiding gezien om proceskosten aan belanghebbende toe te wijzen en heeft het beroep ongegrond verklaard. Het arrest is gewezen door de vice-president E. Korthals Altes als voorzitter en raadsheren D. H. Beukenhorst en P. J. van Amersfoort, en in het openbaar uitgesproken op 8 februari 2002.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en de waardebeschikking blijft gehandhaafd.