ECLI:NL:HR:2002:AD5814
Hoge Raad
- Cassatie
- G.G. van Erp Taalman Kip-Nieuwenkamp
- A.G. Pos
- O. de Savornin Lohman
- A. Hammerstein
- P.C. Kop
- Rechtspraak.nl
Verzekeraar mag schadevergoeding weigeren bij onjuiste opgave strafrechtelijk verleden
Deze zaak betreft een geschil tussen [eiser], bestuurder van een failliete B.V., en de verzekeraar London & Lancashire Verzekering Maatschappij N.V. (L&L) over de uitkering van een schadevergoeding na diefstal van een motorfiets. [Eiser] had een motorrijwielverzekering afgesloten waarbij hij ontkennend had geantwoord op de vraag of er gevaarverhogende omstandigheden in zijn persoon waren, waaronder een strafrechtelijk verleden.
Ten tijde van het invullen van het aanvraagformulier was tegen [eiser] een gerechtelijk vooronderzoek geopend en was hij in verzekering gesteld wegens vermoedens van vermogensdelicten. Later werd hij veroordeeld voor verduistering en bedrieglijke bankbreuk. Na diefstal van zijn motorfiets weigerde L&L de schadevergoeding op grond van art. 251 Wetboek Pro van Koophandel wegens onjuiste opgave.
De rechtbank en het hof wezen de vordering van [eiser] af. Het hof oordeelde dat de vraag op het aanvraagformulier niet alleen betrekking had op strafrechtelijke veroordelingen, maar ook op lopende strafrechtelijke procedures en dat [eiser] dit redelijkerwijs had moeten begrijpen. De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en wijst het cassatieberoep af. Tevens oordeelt de Hoge Raad dat het vermoeden van onschuld niet ontslaat van de verplichting tot juiste en volledige informatieverstrekking aan de verzekeraar.
Uitkomst: De Hoge Raad wijst het cassatieberoep af en bevestigt dat de verzekeraar de schadevergoeding mag weigeren wegens onjuiste opgave van het strafrechtelijk verleden.