ECLI:NL:HR:2001:ZC3679
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- C.H.M. Jansen
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- P.C. Kop
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verwerpt cassatieberoep inzake terugvordering bijstandsgelden door gemeente
De zaak betreft een geschil over de terugvordering van bijstandsgelden door de gemeente Hulst van een man en een vrouw over de periode van 1 augustus 1992 tot en met 31 december 1996. De man en vrouw waren gezamenlijk aansprakelijk voor terugbetaling van respectievelijk ƒ 155.296,04 en ƒ 136.651,01 bruto. De Kantonrechter had aanvankelijk vastgesteld dat de gemeente een bedrag van ƒ 18.645,03 van de man en ƒ 136.651,01 van beiden gezamenlijk kon terugvorderen.
Tegen deze beschikking werd hoger beroep ingesteld bij de Rechtbank te Middelburg. De rechtbank stelde de zaak aanhoudend om partijen in staat te stellen de waarde van auto's en het vermogen van de man en vrouw over de betreffende jaren vast te stellen. Uiteindelijk vernietigde de rechtbank de beschikking van de Kantonrechter en stelde zij vast dat de gemeente een bedrag van ƒ 94.741,69 van beiden en ƒ 18.645,03 van de man terstond kon terugvorderen.
De vrouw stelde beroep in cassatie in tegen deze beschikking. De Hoge Raad oordeelde dat de klachten in het cassatiemiddel niet tot cassatie konden leiden en verwierp het beroep zonder nadere motivering, conform artikel 101a van de Wet op de rechterlijke organisatie. Hiermee werd de beslissing van de rechtbank bevestigd en kon de gemeente overgaan tot invordering van de vastgestelde bedragen.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de terugvordering van bijstandsgelden door de gemeente.