ECLI:NL:HR:2001:ZC3654
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- R. Herrmann
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- J.B. Fleers
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Nietigheid hypotheekvesting wegens benadeling schuldeisers in faillissement
De curator heeft de rechtbank en het hof gevraagd om hypothecaire inschrijvingen die door eiseres zijn verkregen van haar echtgenoot, die failliet werd verklaard, waardeloos te verklaren wegens benadeling van schuldeisers op grond van artikel 42 Faillissementswet Pro.
De rechtbank oordeelde dat de omzetting van vorderingen in geldleningen niet tot benadeling leidt, maar dat de hypothecaire zekerheden wel benadeling veroorzaken, tenzij eiseres niet wist of behoorde te weten dat dit het geval was. Het hof stelde vast dat eiseres wel degelijk wetenschap had van de benadeling, mede gelet op verklaringen van betrokkenen en de timing van de hypotheekverlening vlak voor beslaglegging door de fiscus.
De Hoge Raad bevestigt het oordeel van het hof dat de benadeling aanwezig is op het moment van de beslissing en dat eiseres wetenschap had van de benadeling. Het cassatieberoep wordt verworpen. De zaak betreft de toetsing van nietigheid van rechtshandelingen in het kader van insolventierecht en de bescherming van schuldeisers bij onverplichte rechtshandelingen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de curator kan de hypothecaire zekerheden vernietigen wegens benadeling van schuldeisers.