ECLI:NL:HR:2001:ZC3643
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- C.H.M. Jansen
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt kennelijk onredelijk ontslag tandarts bij Defensie wegens onvoldoende transparantie onderzoeksgegevens
De zaak betreft een tandarts die sinds 1982 bij de Staat in dienst was en in 1996 werd ontslagen wegens vermeende tekortkomingen in zijn tandheelkundige werkzaamheden en declaraties. De werknemer betwistte de ontslaggronden en stelde dat het ontslag kennelijk onredelijk was omdat hem geen inzage werd gegeven in de onderzoeksgegevens waarop het ontslag was gebaseerd.
De Kantonrechter wees de vorderingen aanvankelijk toe, maar na verzet en hoger beroep werd het ontslag alsnog als kennelijk onredelijk beoordeeld. De Rechtbank oordeelde dat de Staat onvoldoende transparantie bood over de feiten en omstandigheden die het ontslag rechtvaardig zouden maken, waardoor de werknemer zich niet adequaat kon verweren.
De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en verwierp het cassatieberoep van de Staat. De Hoge Raad benadrukte dat de werkgever voldoende feitelijke gegevens moet verstrekken om de werknemer in staat te stellen het ontslag te controleren en te betwisten. De weigering van de Staat om inzage te geven in de onderzoeksstukken, ondanks alternatieve voorstellen, maakte het ontslag kennelijk onredelijk. De Staat werd veroordeeld tot een schadevergoeding van bruto ƒ125.000.
Uitkomst: Het ontslag van de tandarts werd als kennelijk onredelijk beoordeeld en de Staat werd veroordeeld tot een schadevergoeding van bruto ƒ125.000.