ECLI:NL:HR:2001:ZC3575
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- C.H.M. Jansen
- O. de Savornin Lohman
- P.C. Kop
- E.J. Numann
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad stelt prejudiciële vragen over de depotbaarheid van klankmerken in het merkenrecht
In deze zaak vordert Shield Mark B.V. dat [verweerder], handelend onder de naam Memex, wordt verboden om inbreuk te maken op haar merkrechten met betrekking tot klankmerken die bestaan uit de eerste negen noten van 'Für Elise' en het geluid van een kraaiende haan. [Verweerder] voert verweer dat klanken geen tekens zijn in de zin van de Beneluxwet op de warenmerken (BMW) en derhalve niet als merk kunnen worden gedeponeerd.
Het Hof heeft de merkrechtelijke vorderingen van Shield Mark afgewezen, maar het onrechtmatig handelen van [verweerder] grotendeels toegewezen. Het Hof oordeelde dat de Beneluxregeringen ten tijde van het Benelux-verdrag klanken als tekens wilden uitsluiten zolang geen adequate wijze van deponering bestond en dat de gedeponeerde merken niet als geldige klankmerken kunnen worden beschouwd wegens gebrek aan duidelijkheid en ondubbelzinnigheid.
De Hoge Raad stelt prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen over de uitleg van art. 2 van Pro de Richtlijn 89/104/EEG, in het bijzonder of klanken als merken kunnen worden aangemerkt en welke eisen aan de grafische weergave van klankmerken gesteld moeten worden. De zaak wordt geschorst in afwachting van het antwoord van het Hof van Justitie.
Uitkomst: De Hoge Raad legt prejudiciële vragen voor aan het Hof van Justitie en schorst de procedure in afwachting van het antwoord.