Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2001:AD5364

Hoge Raad

Datum uitspraak
21 december 2001
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
R01/070HR
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
  • R. Herrmann
  • A.E.M. van der Putt-Lauwers
  • O. de Savornin Lohman
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 288 FaillissementswetArt. 358 FaillissementswetArt. 101a Wet op de rechterlijke organisatie
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatie tegen afwijzing schuldsaneringsregeling

Verzoeker heeft op 10 april 2001 een verzoekschrift ingediend bij de Rechtbank Haarlem om toepassing van de schuldsaneringsregeling uit te spreken. De rechtbank heeft dit verzoek bij vonnis van 17 april 2001 afgewezen na het horen van verzoeker.

Tegen dit vonnis heeft verzoeker hoger beroep ingesteld bij het Gerechtshof Amsterdam, dat het vonnis op 22 mei 2001 heeft bekrachtigd. Verzoeker heeft vervolgens beroep in cassatie ingesteld tegen de beschikking van het hof.

De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het cassatieberoep. De Hoge Raad oordeelt dat de aangevoerde klachten niet leiden tot cassatie en dat geen nadere motivering nodig is omdat geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde zijn.

De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt daarmee de afwijzing van het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling afgewezen.

Uitspraak

21 december 2001
Eerste Kamer
Rek.nr. R01/070HR
SB
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Verzoeker], wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. P.A.M. Perquin.
1. Het geding in feitelijke instanties
Met een op 10 april 2001 ter griffie van de Rechtbank te Haarlem ingediend verzoekschrift heeft verzoeker tot cassatie - verder te noemen: [verzoeker] - zich gewend tot die Rechtbank en verzocht de toepassing van de schuldsaneringsregeling uit te spreken.
Nadat de Rechtbank [verzoeker] ter terechtzitting van 17 april 2001 had gehoord, heeft zij bij vonnis van die datum het verzoek afgewezen.
Tegen deze beschikking heeft [verzoeker] hoger beroep ingesteld bij het Gerechtshof te Amsterdam.
Na mondelinge behandeling op 18 mei 2001 heeft het Hof bij arrest van 22 mei 2001 het vonnis waarvan beroep bekrachtigd.
Het arrest van het Hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het Hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 101a RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren R. Herrmann, als voorzitter, A.E.M. van der Putt-Lauwers en O. de Savornin Lohman, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A. Hammerstein op 21 december 2001.