ECLI:NL:HR:2001:AD3922
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H.J. Mijnssen
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- J.B. Fleers
- A.G. Pos
- O. de Savornin Lohman
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over aansprakelijkheid eigenaar schip bij brand in binnenvaart
In deze zaak staat de aansprakelijkheid centraal van de eigenaar van het binnenschip Casuele voor de schade aan het naastgelegen schip De Toekomst, veroorzaakt door brand in de jachthaven van De Paal. De brand ontstond vermoedelijk aan boord van de Casuele en sloeg over naar De Toekomst. Verweerder vorderde dat eiser als eigenaar van de Casuele aansprakelijk werd gesteld voor de schade.
De Rechtbank wees de vorderingen af, maar het Hof 's-Gravenhage stond bewijs toe dat de brand aan boord van de Casuele was ontstaan en oordeelde dat eiser aansprakelijk was, tenzij hij overmacht kon bewijzen. De Hoge Raad stelde dat het Hof een onjuiste rechtsopvatting had over het begrip schuld van het schip zoals bedoeld in art. 8:1004 lid 1 en Pro art. 8:1005 BW Pro.
De Hoge Raad verduidelijkte dat schuld van het schip alleen kan worden aangenomen indien sprake is van een fout van een voor de eigenaar aansprakelijke persoon, een fout van een werknemer aan boord, of het niet voldoen aan de eisen die aan het schip mogen worden gesteld. De Hoge Raad vernietigde het arrest en verwees de zaak naar het Hof Amsterdam voor verdere behandeling en beslissing.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof en verwijst de zaak voor verdere behandeling naar het Hof Amsterdam.